Unie van Bosgroepen
Home>Begrippenlijst

Begrippenlijst: S

Laatst gewijzigd: 01-01-1970

A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Saprofiet
Organisme dat van dood organisch materiaal leeft
Schaduwboomsoort
Boomsoort die met name in het jeugdstadium veel schaduw verdraagt en dit ook vaak voor verjonging nodig heeft. Eenmaal de eindopstand vormend, laten deze soorten relatief weinig licht door tot op de bodem
Schermboom
Volledig vrijstaande boom die veelal tot doel heeft bescherming te bieden aan de verjonging (al dan niet geplant) en als zaadbron te dienen voor de natuurlijke verjonging Het aantal bomen is groter dan in het geval waarbij men spreekt van overstaanders
Schermkap
Kap waarbij 10 tot 30 bomen per hectare gespaard blijven om te dienen als scherm voor verjonging, dan wel voor andere doeleinden
Scheuren
(1) Het openploegen van grasland om akkerland te krijgen of om opnieuw gras in te zaaien, en (2) een vermeerderingsmethode voor bepaalde planten
Schijnwaterspiegel
Waterspiegel ontstaan door waterstagnatie in een gebied met een ondoorlatende laag
Spoor
Dit is een samenhangende werkwijze die wordt toegepast om de huidige kwaliteit van een bepaald deel van de ecologische hoofdstructuur te behouden, herstellen en/of ontwikkelen
Spreng
Gegraven waterloop die grondwater afvoert ten behoeve van lager gelegen objecten als molens, wasserijen, vijvers, fabrieken etc.
Spronglaag
Horizont in diepe wateren die de relatief warme en zuurstofrijke bovenlaag scheidt van de koude en zuurstofarme onderlaag
Stakenfase
Fase van een opstand waarin het natuurlijke taksterven plaatsvindt en de hoogtegroei bepalend is
Stamkwaliteit
De houtkwaliteit van de onderste 6-10 meter van de stam van een volgroeide boom
Stratificatie
Laagsgewijze opbouw
Structuurdunning
Het selectief verwijderen van bomen teneinde ter plaatse een meer structuurrijk bos te realiseren. Tevens een specifieke maatregel in het kader van EGM
Structuurrijk bos
Bos, waarbinnen zowel in verticale als horizontale richting veel ruimtelijke verschillen zijn, veeal bepaald door soort en leeftijd
Structuurvariatie horizontaal
Komt tot uitdrukking in dichtheid, jong/oud, naald/loof, open plekken e.d.
Subsidiariteitsbeginsel
In Europees verband staat het subsidiariteitsbeginsel voor het uitgangspunt dat de Europese Unie zich niet bezighoudt met problemen die beter door de afzonderlijke lidstaten kunnen worden opgelost. Dit betekent dat de Europese Unie alleen optreedt als de doelstellingen van het gemeenschappelijk beleid niet voldoende op nationaal niveau of beter op Europees niveau kunnen worden bereikt
Subsidieregeling Agrarisch Natuurbeheer (SAN)
Subsidieregeling in de agrarische sector die natuurontwikkeling en -instandhouding beoogt en waarbij de natuurdoelen, terreinkenmerken en beheervoorschriften zijn omschreven/vastgelegd
Subsidieregeling Natuurbeheer 2000 (SN 2000)
SN 2000 is een van rijkswege ingesteld subsidiestelsel ten behoeve van het instandhouden en ontwikkelen van bestaande en omschreven vegetatie, ecosysteem typen, landschappen en recreatiepakketten
Successie
Ontwikkelingsreeks van stadia tussen pioniersfase en climaxfase





Home Nieuws Agenda Contact Sitemap Mijn dossier Toevoegen aan dossier Printen