Kleine en kwijnende populaties
Laatst gewijzigd: 15-06-2010Door toenemende verstedelijking en aanleg van wegen raken steeds meer bosrestanten, hagen en typische bosplantpopulaties geïsoleerd van elkaar en vindt een verslechtering van het leefgebied van deze bossoorten plaats. De hoofdoorzaken die momenteel bijdragen tot achteruitgang in populatieomvang zijn versnippering, vermesting en verdroging. Vanuit de beheerspraktijk komt dan ook snel de vraag hoe met deze kleinere bosrestanten om te gaan.
Studie Alterra
In een door Alterra verrichte studie worden de verwachte biologische consequenties van het kleiner worden van populaties geschetst. Ook wordt een probleemanalyse besproken waarmee terreinbeheerders op eenvoudige wijze problemen in kleine populaties kunnen signaleren. Aan de hand van een voorbeeldsoort (jeneverbes) wordt deze probleemanalyse verder uitgelegd.
Aandachtpunten zijn:
• Het aantal individuen
• De leeftijdsopbouw van de populatie
• Migratie tussen populaties
• Sexopbouw bij tweehuizigen
• Genetische diversiteit
Ook worden er een tweetal beheersopties voor het instandhouden van kleine en
kwetsbare populaties geschetst, te weten:
• bevorderen van dispersie (verspreiding)
• versterken van de populatie (aanvulling van genetisch materiaal)
Het bijbehorende alterra-rapport kunt u hier (pdf) nalezen
Naar normale weergave