Boswet
Laatst gewijzigd: 23-03-2010Wat is de Boswet?
De Boswet heeft tot doel om bossen te beschermen. In het kort zegt de Boswet: wat bos is, moet bos blijven. Bos dat wordt gekapt, moet worden herplant. Als dat niet kan op dezelfde plaats, dan elders (compensatie). Alleen bij een groot maatschappelijk belang wijkt de Boswet. U vindt op deze pagina informatie over:
Wanneer valt bos onder de Boswet?
Hoe werkt de Boswet?
- Meldingsplicht
- Groepenkap
- Herplantplicht
Vrijstelling herplantplicht
Compensatie
Natuurlijke verjonging
Kapverbod
Wanneer valt bos onder de Boswet?
Onder de Boswet vallen alle beplantingen van bomen die groter zijn dan 10 are of, als het een rijbeplanting betreft, uit meer dan 20 bomen bestaat. Alleen bos dat buiten de bebouwde kom ligt valt onder de Boswet. De gemeente kan een “bebouwde kom boswet” vaststellen die afwijkt van de bebouwde kom verkeerswet (de “gewone” bebouwde kom). In geval van twijfel kan de gemeente uitkomst geven.
Een aantal boomsoorten valt niet onder de boswet. Dit zijn linde, paardekastanje, Italiaanse populier en treurwilg. Ook éénrijige beplantingen van populier en wilg langs landbouwgronden vallen niet onder de Boswet, net als boomgaarden en kwekerijen van kerstbomen of van bosplantsoen.
Hoe werkt de Boswet?
De Boswet kent drie belangrijke instrumenten:
1. Meldingsplicht
2. Herplantplicht
3. Kapverbod
Hieronder worden deze instrumenten toegelicht.
Meldingsplicht
Voordat een perceel bos dat onder de Boswet valt wordt gekapt, moet een kapmelding gedaan worden. Een kapmelding moet ten minste één maand voor de kap worden gedaan. Binnen één jaar na melding moet de kap worden uitgevoerd. Gebeurt dat niet, dan moet opnieuw melding worden gedaan.
De kapmelding is geen kapvergunning. In sommige gemeenten is een kapvergunning vereist, die door de gemeente wordt afgegeven. Voordat gekapt wordt is het raadzaam om bij de gemeente na te vragen of een vergunning vereist is. Als dat zo is, moet die apart worden aangevraagd. Gemeenten leggen in de bomenverordening vast welke bomen zonder vergunning mogen worden gekapt en voor welke bomen een meldings- of vergunningsplicht geldt.
Wanneer, waar en hoe melden?
De kapmelding dient voornamelijk ter registratie van de herplantplicht (zie hieronder). Elke kap waaruit een herplantplicht voortvloeit moet worden gemeld. Dunningen en het afzetten van hakhout en grienden leiden doorgaans niet tot een herplantplicht. Die hoeven dan ook niet gemeld te worden. Wel kan voor deze werkzaamheden een gemeentelijke vergunning vereist zijn!
Kaalkap en groepenkap leiden doorgaans wel tot een herplantplicht. Die moeten wel gemeld worden. De rechter heeft de grens tussen dunning en kap bepaald: als de kroonsluiting wordt teruggebracht tot minder dan 60% is er sprake van kap en moet een kapmelding worden ingediend.
Kapmelding moet worden gedaan bij Dienst Regelingen te Dordrecht. Dit gebeurt via het Formulier “Kennisgeving van een voorgenomen velling”, te downloaden via het LNV loket.
Groepenkap, een geval apart
In de hedendaagse bosbouw wordt veel groepsgewijs gewerkt. Bij dunningen worden een aantal gaten gekapt van waaruit de bosverjonging zich kan inzetten. De vraag of hiervoor kapmelding moet worden gedaan wordt veel gesteld. Het antwoord op deze vraag verschilt per provincie. De provincie is de handhaver van de Boswet. In geval van twijfel kan de provincie uitsluitsel geven. Het kan overigens geen kwaad om in geval van twijfel kapmelding te doen. Er staat geen sanctie op het ten onrechte indienen van een kapmelding.
Herplantplicht
Binnen drie jaar nadat een bos is gekapt moet het worden herplant. Deze termijn van drie jaar geldt ook als het bos door een calamiteit (brand, storm, ziekten of plagen) verloren gaat. Na drie jaar moet er een geslaagde herbebossing zijn uitgevoerd. Een herbeplanting die niet goed is aangeslagen moet, binnen 3 jaar na kap, worden ingeboet.
Niet nakomen van de herplantplicht is een economisch delict. De provincie ziet scherp toe op naleving van de herplantplicht en nog steeds worden door de rechter hoge boetes opgelegd.
Herplantplicht is grondgebonden. Bij verkoop van een perceel waarop een herplantplicht rust, gaat die herplantplicht over op de koper van het perceel. De verkoper heeft daarom de plicht om de koper te informeren als er herplantplicht op het perceel rust.
Vrijstelling herplantplicht
Als er bos wordt aangelegd op gronden die niet onder de Boswet vallen, kan vrijstelling meldings- en herplantplicht worden aangevraagd. Deze vrijstelling wordt verstrekt onder 2 voorwaarden:
1. het mag niet om een beplanting in het kader van een herplantplicht gaan;
2. de aangelegde beplanting moet binnen 40 jaar na aanleg worden geoogst.
Vrijstelling meldings- en herplantplicht moet worden aangevraagd bij Dienst Regelingen te Dordrecht. Het benodigde formulier kunt u downloaden via het LNV loket.
Compensatie: herplanten op een ander perceel
De Boswet kent de mogelijkheid om de herplantplicht uit te voeren op een ander perceel dan waar gekapt wordt. Dergelijke compensatie moet bosbouwkundig verantwoord plaatsvinden en over minimaal dezelfde oppervlakte. Bij veel provincies bestaan regels met betrekking tot compensatie. Vaak schrijft de provincie overcompensatie voor dat wil zeggen, er moet een groter oppervlakte herplant worden dan was gekapt. Compensatie moet vooraf worden geregeld. Hiervoor is overleg met de handhaver van de Boswet (de provincie) nodig.
De formele aanvraag om te mogen compenseren moet worden ingediend bij Dienst Regelingen in Dordrecht. Het formulier dat hiervoor gebruikt moet worden kunt u downloaden via het LNV loket.
Natuurlijke verjonging
De Boswet spreekt over herplantplicht. Volgens de letter der wet is natuurlijke verjonging dus geen toegestane vorm van bosverjonging. In de praktijk wordt daar gelukkig anders mee omgegaan. Het gaat erom dat er een geslaagde herbebossing plaatsvindt. Of dat gebeurt door aanplant, natuurlijke verjonging of een combinatie maakt niet uit. Doorgaans zal de provincie coulant omgaan met de termijn van drie jaar als er gestreefd wordt naar natuurlijke verjonging. Het verdient de aanbeveling om vooraf met de provincie kort te sluiten of verlenging van de periode van drie jaar mogelijk is.
Kapverbod
De minister van LNV kan in uitzonderingsgevallen een kapverbod opleggen als het natuur- en landschapsschoon ernstig geschaad dreigt te worden door de voorgenomen kap. In de praktijk gebeurt dit nagenoeg nooit. Er moet sprake zijn van opstanden of lanen van een uitzonderlijke natuurwaarde of landschappelijke waarde.
Meer informatie
Websites:
- De Boswet is te lezen op wetten.overheid.nl
- Wetsvoorstel Boswet: Dit wetsvoorstel van het Bosschap neemt op effectieve en efficiënte wijze een aantal knelpunten en belemmeringen uit de huidige Boswet weg en maakt de tijdrovende en taaie procedure van de evaluatie van de totale Natuurwetgeving –voor wat betreft de inhoud van de Boswet- overbodig.
- Programma van eisen behorende bij het wetsvoorstel Boswet